Krielen KRIELEN

Foto door krielen.be

Indische vechtkrielen

Cornish Bantam

Verenigd Koninkrijk
fitness_center Sterk gespierd
width Brede schouders
shield Harde korte bevedering
psychology Gele poten

De Indische vechtkriel is een sterk gespierd, gedrongen dwerghoen met zeer brede schouders, wijd geplaatste beenstand en korte harde bevedering. Drierijige erwtenkam, gele poten. Omstreeks 1900 in Engeland tentoongesteld. In de VS bekend als Cornish Bantam.

Kenmerken

Sterk gespierde, diepe lichaamsbouw. Gedrongen en zeer breed in de schouders, met sterk uit elkaar geplaatste beenstand. Bevedering kort, smal en hard, gesloten aanliggend.

  • Gewicht: Haan 1500-1600 g, hen 1200-1300 g.
  • Ringenmaat: Haan 18 mm, hen 15 mm.
  • Kam: Drierijig (erwtenkam), klein, stevig en dicht op de kop, levendig rood.
  • Ogen: Groot, met enigszins overstekende wenkbrauwen, maar niet zo streng als bij de Maleierkriel. Parelkleurig tot bleekgeel of bleekrood.
  • Benen: Vrij kort en dik, rond en krachtig, warm geel of oranjegeel, vier tenen.

Zelfverzekerd en vaak tam met mensen. Door de zware bouw en wijdstand hebben ze ruimte nodig om te scharrelen zonder te springen van hoge zitstokken.

Eileg

Matige legsters. Geen dubbeldoelras: je houdt ze om type, spieren en tekening, niet om productie.

  • Productie: Ongeveer 60-90 eieren per jaar.
  • Kleur en gewicht: Getint tot lichtbruin, rond de 30 g.
  • Broedsheid: Hennen worden regelmatig broeds. Door het zware lichaam en de harde veren kunnen eieren in het nest soms beschadigen.

Hen vs haan

Behalve secundaire geslachtskenmerken weinig verschil. De hen heeft een meer horizontale houding. De haan staat provocatiever en rechterop, met korte sikkels en staartdekveren die de stuurveren ongeveer bedekken. De staart ligt iets onder het horizontale vlak.

Klimaat

Winterhard genoeg, maar de korte harde bevedering isoleert minder dan bij fluffige rassen. Bij strenge vorst een droge, tochtvrije stal. Lage zitstokken beschermen de zware poten. Ze scharrelen graag bij gunstig weer.

Kleurslagen

In de KLN-standaard: rood witgezoomd (jubilee-achtig), dubbelgezoomd (donker), blauwdubbelgezoomd, rood witdubbelgezoomd en wit. Bij dubbelgezoomd is een egale donker goudbruine grondkleur bij de hen belangrijk. Bij overjarige hennen mag een volledige drievoudige zoom voorkomen.

Geschiedenis

In Engeland ontstaan en omstreeks 1900 daar voor het eerst tentoongesteld. Ondanks de naam geen Indiaas landras: het type kwam voort uit Britse fokkerswerk met Aziatische vechthoenders. In de VS heet de kriel Cornish Bantam. Een show- en typekriel, geen dubbeldoelras.

Vorm

Detailbeschrijving als aanvulling op de kenmerken hierboven.

  • Romp: Kort en compact, goed gerond aan de flanken, diep.
  • Kop: Fors, kort en breed. Schedeltop vlak, breder van voren dan van achteren. Gezicht rond en vol.
  • Snavel: Kort, zeer krachtig, goed gebogen, geel.
  • Hals: Middellang, rechtop, gebogen. Halsbehang kort. Keel vol, bedekt met kleine veertjes.
  • Rug en zadel: Middellang, flauw aflopend. Zeer breed over de schouders tot boven de dijen, daarna versmallend naar de staart. Heupbeenderen zeer breed uit elkaar.
  • Borst: Zeer breed en diep, naar voren komend, goed gerond aan de zijden.
  • Vleugels: Kort en gespierd, goed gesloten. Vleugelboegen rond en duidelijk uitstaand. Einden ter hoogte van de onderste staartdekveren.
  • Staart: Kort, goed samengevouwen, iets onder horizontaal. Korte sikkels en staartdekveren.
  • Dijen: Zeer breed uit elkaar, middellang, gespierd, fors gerond.
  • Ernstige fouten: Te smalle bouw, verkeerde of te hoge beenstelling, te hoge staartdracht, te losse bevedering, te dunne of te platte loopbenen.

Bronnen

Kleindierliefhebbers Nederland (2026). Standaard voor Hoenders en Dwerghoenders - Indische vechtkrielen.

Verhoef, E. Rijs, A. (2001). Geïllustreerde Hoender Encyclopedie. Rebo Productions.

Vergelijkbare rassen