Plymouth Rock krielen
Plymouth Rock
De Plymouth Rockkriel is een dwerghoen met gestrekt, breed en diep lichaam en middelhoge beenstelling. Amerikaans van oorsprong; als krielvorm einde 19e eeuw in Engeland ontstaan, omstreeks 1910 in Duitsland gefokt en kort daarna in Nederland ingevoerd.
Kenmerken
Gestrekt lichaam: lange, rechte rug die nauwelijks oplopend in de achterwaarts gedragen staart overgaat. Breed en diep, middelhoog gesteld. Glad aanliggende, brede bevedering.
- Gewicht: Haan 1100-1200 g, hen 900-1000 g.
- Ringenmaat: Haan 15 mm, hen 13 mm.
- Kam: Enkel, middelgroot, rechtop, vijf goed ingesneden kampunten, helderrood.
- Oorlellen: Langwerpig ovaal, middelgroot, helderrood.
- Ogen: Roodbruin.
- Benen: Middellang, fors, glad, geel.
Kalme, handzame scharrelaars die graag rondscharrelen.
Eileg
Sterke legsters. Geen dubbeldoelras in krielvorm: type en eieren staan voorop, ook al stamt het grote ras uit een nutstraditie.
- Productie: Vaak 160-200 eieren per jaar.
- Kleur en gewicht: Geelbruin, rond de 40 g.
- Broedsheid: Kan voorkomen.
Hen vs haan
Behalve secundaire geslachtskenmerken weinig verschil. De haan heeft korte, brede stuurveren die volledig door sikkels en staartdekveren worden afgedekt. Hoofdsikkels goed gebogen, juist over het einde van de stuurveren. De staart vormt geen merkbare hoek met de rug.
Klimaat
Zeer winterhard. Ze scharrelen graag en doen het goed met uitloop. Droge, tochtvrije nachtstal blijft welkom, vooral voor de kam in vorst.
Kleurslagen
In de KLN-standaard onder meer gestreept, meerzomig patrijs, meerzomig zilverpatrijs, wit en buff zwartcolumbia, roodporselein, wit, zwart, blauw en buff. Gestreept (gebarreerd) blijft de klassieker.
Geschiedenis
Amerika; als krielvorm ontstaan in Engeland einde 19e eeuw. Omstreeks 1910 in Duitsland gefokt en kort daarna in Nederland ingevoerd. Een show- en legkriel met het bekende Rock-type.
Vorm
Detailbeschrijving als aanvulling op de kenmerken hierboven.
- Kop: Middelgroot, schedel gewelfd. Gezicht glad, helderrood.
- Snavel: Relatief groot, krachtig, regelmatig gebogen, geel.
- Hals: Middellang, gebogen. Halsbehang overvloedig, tot op de schouders.
- Rug en zadel: Tamelijk lang, breed, vlak over de schouders, iets oplopend. Overgang naar de staart vrijwel recht.
- Borst: Breed, matig diep, goed gerond.
- Vleugels: Kort, vrijwel horizontaal. Einden bedekt door zadelbehang, van achteren niet voorbij het lichaam.
- Schouders: Breed en vlak.
- Staart: Kort, matig gespreid, geen merkbare hoek met de rug.
- Ernstige fouten: Te korte bouw, sterk oplopende of aflopende houding, sierveerontwikkeling aan de voorzijde van de dijen, te sterk of te weinig ontwikkelde sierveren in de staart.
Bronnen
Kleindierliefhebbers Nederland (2026). Standaard voor Hoenders en Dwerghoenders - Plymouth Rock krielen.